Fudge met walnootjes

Nou kan ik je vertellen waar fudge oorspronkelijk vandaan komt, hoe het originele recept nou niet echt Paleo is en dat de meest gemaakte variant die van karamel is. Dat zou ik dus kunnen doen, maar deze keer ga ik je niet vermoeien met allerhande gezellige verhalen. Voor deze fudge wil je gewoon meteen door naar het recept! Deze is zo lekker dat je echt moet oppassen er niet te veel van te eten. Serieus, als je hier kilo’s van eet (en dat zou ik best willen) dan blijven die kilo’s zeker weten plakken op plaatsen waar je dat niet wilt! Maar af en toe een stukje mag best. Het handige is dat je het in de vriezer bewaart, waardoor je altijd een voorraadje hebt. Het hoeft niet eens te ontdooien, je kunt het direct uit de vriezer eten (en dat is dan eigenlijk meteen een nadeel, want zo wordt het wel héél makkelijk om regelmatig even de vriezer in te duiken). De smaak hangt een beetje tussen pindakaas en karamel in, het zeezout geeft het net ‘a little kick’ en de walnoten geven het een lekkere crunchy bite. Paleo snacken op z’n best!

palejo-paleo-recept-fudge

Fudge


  • 55 gram kokosolie
  • 170 gram amandelboter
  • 60 gram agavesiroop
  • snufje zout
  • 30 gram walnoten

Klik op het ingrediënt om te zien welke ik gebruik


Verwarm de kokosolie rustig aan in een klein pannetje. Vlak voordat alles gesmolten is, kun je het vuur uitdraaien. Laat de olie minimaal een kwartiertje afkoelen, net zo lang tot de kokosolie nog steeds vloeibaar is, maar niet meer zo dun als water.

In een ander kommetje doe je de amandelboter, de agavesiroop en een snufje zout. Meng dit goed door elkaar. Je kunt trouwens ook cashewboter gebruiken, of een mix van beide soorten, maar ik moet zeggen dat die met amandelboter al zo lekker was, dat ik niet de behoefte voelde om verder te gaan experimenteren.

Voeg de kokosolie toe en meng het geheel heel goed door elkaar. Mocht je een keer ongeduldig zijn en de kokosolie er al doorheen doen als het nog te warm is (of, zoals in mijn geval, stomweg vergeten dat het nog af moet koelen), dan wordt je mengsel erg waterig. Geen paniek, het wordt wat meer kliederen geblazen in de volgende stappen, maar het doet verder niets af aan de smaak. Kortom, diepe zucht en gewoon doorgaan!

Hak de walnoten in stukjes en voeg het toe. Net als bij de notenboter geldt: andere nootjes zijn ook prima, maar ik moet zeggen dat de combi met walnoten erg goed werkt. Tot nu toe heb ik het iedere keer (ja… iedere keer, ik moet echt die kilo’s in de gaten gaan houden ;) met walnoten gemaakt.

In een lage schaal leg je een vel bakpapier en daarop spreid je de fudge uit. Dek de schaal af en zet hem in de vriezer tot de fudge hard is geworden. Dan kun je hem in stukjes snijden. Laat het trouwens niet te lang buiten de vriezer staan (alsof dat ooit zal gebeuren ;) want dan wordt de fudge weer zacht tot het zelfs gaat uitlopen.

Laat het decadente smullen maar beginnen!

Paleo pizza

Weet je wat ik misschien nog wel het meeste mis sinds ik Paleo ben gegaan? Gluten! Aangezien je me pre-Paleo wel kon begraven onder de frietjes (ik noemde mezelf heel bescheiden ook wel Patatoloog), had ik van te voren verwacht dat ik patat het meeste zou gaan missen. Nou, verrassend genoeg bleek dat niet zo te zijn. Van alle ‘foute’ dingen mis ik brood het meest! Nu heb ik wel zin om hier een heel lyrisch verhaal over de geur van versgebakken brood en knapperige korstjes op te hangen, maar dat zal ik niet doen. Als je een beetje op mij lijkt, zijn je smaakpapillen bij het woord ‘brood’ al een feestje gaan vieren, laat staan als ik er ook nog eens over ga uitweiden! Helaas, haal de slingers en ballonnen maar weer weg, het perfecte Paleo alternatief voor brood heb ik nog steeds niet gevonden, maar ik blijf gewoon stug doorzoeken. Wat ik wél heb gevonden: een fantastisch recept voor pizza! Nog zo’n glutenbommetje waar ik van de gedachte alleen al ging watertanden en die ik erg heb gemist. Aan bodems van bloemkool (erg populair in Paleo-land) ga ik als rechtschapen groentehater niet eens beginnen (het idee alleen al) en oké, de meatza is lekker, maar je wilt toch gewoon een broodachtige bodem? Alles minder dan dat telt eigenlijk niet. Net als bij veel Paleo recepten zag ik dit recept voor Paleo pizza en ik dacht: ‘dat kan nooit veel soeps zijn’. Maar deze Paleo pizza is wel soeps! Heel erg soeps zelfs!

paleo pizza palejo recept

Paleo pizza


  • 1 rijpe bakbanaan
  • 60 milliliter kokosmelk (55 gram)
  • 60 milliliter vloeibare kokosolie (55 gram)
  • snufje zout
  • 1 eetlepel gedroogde Italiaanse kruiden
  • 135 gram tapioca
  • 15 + 50 gram arrowroot
  • 50 gram chufameel
  • 140 gram passata
  • 1 ui
  • 100 gram salami
  • 2 eetlepels gedroogde oregano

Haal het rooster uit de oven en laat hem (de oven, niet het rooster ;) vast voorverwarmen tot 220 graden.

Schil of pel (wat doe je er eigenlijk mee?) een rijpe bakbanaan en snij hem in plakken. Trust me, dit is inderdaad het gedeelte waarvan je denkt: ‘Wáát? Banaan in mijn pizzabodem? Dat kan nooit veel soeps zijn.’. Maar geloof me, het komt goed! Voeg de kokosmelk toe en pureer het geheel met een staafmixer. Voeg dan de kokosolie toe en meng het goed door. Ik heb zowel de milliliters als de grammen toegevoegd omdat milliliters dan wel de standaardmaat zijn, maar ik grammen makkelijker vind: het scheelt ook afwas. Ik zet de kom gewoon op de weegschaal en voeg de grammen toe. Hoef ik geen maatbeker vies te maken!

Voeg zout en Italiaanse kruiden toe evenals de tapioca, 15 gram arrowroot en de chufameel. Kneed het deeg goed door. Voeg ten slotte nog 50 gram arrowroot toe en kneed het deeg tot een mooie bal (of een lelijke bal, wat jij wilt, de pizza zal er niet anders om smaken, geen idee waarom ik ‘mooie’ typte, haha!). Heb je geen arrowroot of chufa? Dan kun je de hoeveelheden 1 op 1 vervangen door tapioca. Het oorspronkelijke recept gaat ook uit van alleen tapioca, maar met een beetje experimenteren ben ik op de mix met arrowroot en chufa uitgekomen. Het geeft je Paleo pizza nog meer een broodachtige structuur.

Rol de bal deeg op een vel bakpapier uit tot een ronde plak van ongeveer een halve centimeter dik. Leg je pizzabodem op het rooster en schuif het voor 15 minuten de oven in. Je zult zien dat de bodem op sommige plekken helemaal opblaast, maakt niet uit, dat gaat straks vanzelf weg als je de topping erop doet. Snij intussen de ui in ringetjes en zoek vast de passata, salami en oregano op. Ik neem overigens altijd de passata van de Jumbo, dat is een heerlijke tomatensaus waar verder geen rommel aan toe is gevoegd.

Haal de bodem na 15 minuten uit de oven. Je kunt alles op de pizza doen wat je lekker vindt. Voor deze blogpost heb ik gekozen voor lekker basic: besmeer hem met passata (net zo veel als je lekker vindt) en beleg hem met salami en uienringen. Strooi er tot slot oregano over en zet hem voor 8 minuten terug in de oven (wel een beetje in de gaten houden, het kan hard gaan). Klaar is je Paleo pizza!

Héél in de verte zit er iets bananigs in de smaak, maar dat vind ik niet storend. Zolang je stevige toppings hebt, zijn die overheersend genoeg om het kleine beetje bananensmaak eruit te filteren. Verder is het midden van de pizza (het gedeelte dat door de topping weer nattig is geworden) een tikje groenig en gummy. Ik hoor je al denken: ‘Groenig en gummy? Geef mijn portie maar aan iemand anders, een bodem van bloemkool klinkt in ene een stuk aantrekkelijker!’, maar echt, ook dat doet niets af aan de smaak. De eerste keer heb ik héél voorzichtig mijn tanden in deze pizza gezet, en nu moet ik uitkijken dat we hem niet elke week op het menu zetten. Zo lekker vinden we hem!

De oorsprong van het recept is een beetje apart. Ik zou zweren dat ik hem gevonden heb op mijnpaleokeuken.nl, het blog van Sjanett de Geus, maar deze website bestaat niet meer en het recept kan ik ook niet vinden op haar nieuwe website… Vreemd. Misschien heb ik hem dan toch ergens anders vandaan? Ik ben in ieder geval blij dat ik het recept gevonden heb en hier weer verder kan delen met de wereld. Je zoektocht naar echte pizza, die ook nog eens een Paleo pizza is, is over. Je hebt hem gevonden!