Paleo bananenbrood

Terwijl ik dit typ, drijven er heerlijke geuren de kamer in: er staat Paleo bananenbrood in de oven! Grappig genoeg is dit weer typisch zo’n recept waar ik tijden met een boog omheen heb gelopen. Toen ik het recept van Porridge vond, dacht ik: ‘Meh, anders dan een banaan in de pure vorm lust ik geen dingen met banaan erin.’…. Bleek superlekker te zijn. Toen ik het Vlaflipje tegenkwam, dacht ik: ‘Nah, d’r zit banaan in, vind ik vast niet lekker.’…. Líters van het spul heb ik inmiddels op. Zó lekker! Al ver voor mijn Paleo-tijd had ik van bananenbrood gehoord en ik dacht altijd: ‘Gatver, moet ik niet aan denken!’ en dat heb ik rustig volgehouden toen ik in de Paleo-stand schoot. Bananenbrood? Niets voor mij! Blijkbaar ben ik nogal hardleers…

Tot ik op een verjaardag was en die lieverds speciaal voor mij ook iets hadden gebakken. Je raadt het al: bananenbrood. ‘Hoe kom ik hier fatsoenlijk onderuit’ dacht ik nog, maar ik kon niets bedenken…. Ja, een appelflauwte faken, maar helaas ben ik welopgevoed (en bedankt hé, pap en mam! ;) dus zat ik met de gebakken peren om nog meer even in het fruit te blijven… Heel voorzichtig nam ik een hap, en tot mijn grote verbazing had ik niet alleen in no time het plakje bananenbrood op, ik hoorde mezelf om het recept vragen…. Nou bleek dat recept toch niet helemaal Paleo te zijn, dus ben ik op onderzoek uitgegaan, naar een alternatief dat net zo lekker smaakte als op de verjaardag en hierbij presenteer ik dan: Paleo bananenbrood!

Paleo Bananenbrood

Paleo bananenbrood


  • 400 gram banaan
  • 4 eieren
  • 140 gram amandelboter
  • 4 eetlepels gesmolten kokosolie
  • 95 gram amandelmeel
  • 1 eetlepel kaneel
  • 2 theelepels baksoda
  • 1 theelepel vanille aroma
  • zout
  • 150 gram rozijnen
  • 30 gram walnoten
  • 20 gram hazelnoten

Klik op het ingrediënt om te zien welke ik gebruik


Zet de oven vast aan op 175 graden.

In een kom doe je de banaan (400 gram staat gelijk aan ongeveer drie bananen, je kunt ze zelfs van te voren in plakjes invriezen, dan heb je altijd op voorraad),de eieren en de amandelboter. Blender alles goed door elkaar. Voeg dan de gesmolten kokosolie toe en blender dat ook door je mengsel heen.

Dan voeg je de amandelmeel, kaneel, baksoda, vanille aroma en het zout toe. Goed doorroeren. Nu heb je feitelijk het basisrecept voor Paleo bananenbrood gemaakt. Je kunt dit al in de oven doen als je wilt. Ik heb het geprobeerd, maar vond het een beetje kaal, saai en… te bananig. Precies dus de bananenbrood die ik altijd had verwacht (lees: gevreesd ;).

Dus we gaan de boel een beetje opleuken! Ik heb gekozen voor een mix van rozijnen, walnoten en hazelnoten en na een paar experimenten kwam ik op bovenstaande verhouding uit. Die vind ik het lekkerst. Maar je kunt natuurlijk ook helemaal los gaan met andere ingrediënten: pecannoten, amandelen, cranberries, dadels, kokos, chocola (!), wat jij wilt!

Als je al je goodies door het beslag hebt geschept, giet je het over in een grote cakevorm. Die van mij meet 11 bij 30 cm, een flinkerd dus. Dan gaat het beslag relatief lang de oven in: 1 uur. Het brood wordt aan de bovenkant best donker, maar dat is voor de smaak in ieder geval geen bezwaar. Wil je hem wat lichter dan zul je hem logischerwijs wat korter in de oven moeten laten staan. Check in ieder geval even met een satéprikker: als je die erin steekt en hij komt er nagenoeg schoon uit, dan is het brood goed.

Even laten afkoelen en in plakken snijden. Je kunt het brood eten als een plakje cake bij de koffie, maar ik neem ook wel eens twee of drie plakjes mee als brood voor tussen de middag. Invriezen gaat trouwens ook prima, gewoon per stuk in een zakje. Je moet er alleen wel rekening mee houden dat het ontdooien van Paleo bananenbrood op de één of andere manier vrij lang duurt.

Als je ‘Paleo bananenbrood’ intikt in Google, kom je ontelbaar veel recepten tegen. De meesten recepten zijn vergelijkbaar. Ik heb voor mijn eerste poging in ieder geval het recept van Civilized Caveman Cooking gevolgd. Dat was een hele goede start, maar ik vond uiteraard dat het beter kon, dus ben ik druk gaan variëren om tot mijn recept te komen. Zeker als je bij bananenbrood ‘nah’, of ‘meh’ denkt, zou ik het eens proberen. Wie weet heb je net als ik in no time je plakje op. Om het recept hoef je alvast niet meer te vragen! Eet smakelijk!

Paleo Sticky Toffee Cake

Paleo Sticky Toffee Cake doet het altijd heel goed op verjaardagen (oké, oké, ik geef toe: ook prima tussen de verjaardagen door!). Deze cake is zo zoet, sticky en kneitervol smaak dat de niet-Paleo-peeps echt niet door hebben dat dit een Paleobaksel is. Ik weet het, dat wordt vaker beweerd, maar het is echt zo! Sticky Toffee Cake wordt gezien als een moderne Britse klassieker. De cake wordt gestoomd en overgoten met een toffeesaus. Het wordt gegeten als een dessert en eigenlijk wordt het Sticky Toffee Pudding genoemd. Het recept verscheen voor het eerst in The Good Food Guide Dinner Party Book, geschreven door Patricia Martin. Zij runde een hotel gedurende de tweede wereldoorlog en had het recept gekregen van twee Canadese officiers. Ik weet niet waar ik het recept oorspronkelijk vandaan heb, maar ik maak het al jaren. Uiteraard moest er een Paleovariant komen! Dus ik ben aan de slag gegaan en na een paar pogingen was hij daar: de perfecte Paleo Sticky Toffee Cake. Zelfs als ik het Paleo-leven terug naar de oertijd zou verwijzen, zou ik dit recept op deze manier blijven maken!

Paleo Sticky Toffee Cake

Paleo Sticky Toffee Cake


Voor de cake:

  • 200 gram dadels
  • 200 ml water
  • 1 tl baksoda
  • 100 gr kokosolie
  • 150 gr palmsuiker
  • 1 tl vanille aroma
  • 2 eieren
  • 120 gr amandelmeel
  • 60 gr chufameel (of kokosmeel)

Voor de toffee:

  • 75 gr palmsuiker
  • 60 ml water

Verwarm de over voor op 175 graden.

Snij 200 gram dadels in kleine stukjes (zoals je aan de foto kunt zien, ben ik het deze keer vergeten… maakt niet uit voor je baksel, maar her en der kleine stukjes is toch lekkerder). Je hoeft geen verse dadels te gebruiken, de gewone voorverpakte dadels zijn prima zolang er geen suiker of andere troep aan toe is gevoegd. Ik hoor je denken: ‘Suiker? Toegevoegd aan dadels? Waarom?!’ Inderdaad, maar ze doen het…  Doe ze in een klein pannetje en giet er 200 ml water bij. Breng het geheel aan de kook en laat het 5 minuten doorpruttelen. Haal de pan van het vuur en roer er 1 theelepel baksoda door. Geen zorgen als het gaat bruisen, dat hoort zo! Laat het iets afkoelen.

Mix 100 gram gesmolten kokosolie met 150 gram palmsuiker en 1 tl vanille aroma. Klop er vervolgens twee eieren door. Voeg dan het meel toe. Na hevig experimenteren kwam ik uit op een mengsel van 120 gram amandelmeel en 60 gram chufameel. De chufa kun je ook vervangen door kokosmeel (was ook één van de experimenten), maar persoonlijk vind ik de cake het lekkerst met amandel en chufa.

Nadat je alles goed door elkaar hebt geroerd, voeg je de dadels toe. Het hele beslag doe je over in een cakeblik. Ik frommel er meestal eerst bakpapier in (het past altijd net niet lekker, vandaar het frommelen). Op de één of andere manier heeft ‘invetten’ bij mij nooit het gewenste resultaat: de halve cake blijft alsnog in het blik zitten. Daarom ben ik overgestapt op bakpapier, veel gemakkelijker. Je tilt de cake er zo uit! Zet de cake voor 40 minuutjes in de oven.

De laatste 10 minuten van de baktijd gebruik je om de toffeesaus te maken. Je lost 75 gr palmsuiker op in 60 ml water. Breng het aan de kook en laat het 5 minuten belletjes blazen. Het lijkt of het gaat verbranden, maar dat valt wel mee, pas wel op: het wordt ongelofelijk heet! Gegarandeerd blaren als je het op je vingers krijgt.

Je zult zien dat de cake al vrij donker is na 40 minuten. Dat is bij deze juist lekker. Een goede Paleo Sticky Toffee Cake is een beetje afgefikt! Haal de cake uit de oven en prik er met een satéprikker allemaal gaatjes in. Giet vervolgens de toffeesaus over de cake (daar zijn die gaatjes voor, dan trekt de toffee helemaal door je cake heen, yum!) en zet de cake nog 10 minuten in de oven.

Laat de cake iets afkoelen en snij hem dan in plakken. Warm heel erg lekker, en, als je het redt: koud ook zalig én als je dan nog over hebt (oh die beheersing! ;) de cake kan prima ingevroren worden.

Kokoskip met kerriemayonaise

Ik zag dat het al weer even geleden was dat ik een avondmaaltijd had gepost. Hoog tijd dus voor dit recept van kokoskip met kerriemayonaise. Het is eigenlijk heel simpel: kip in een kokosjasje, dat je doopt in kerriemayonaise. Meer niet, maar zóó lekker! Dit recept maakte ik al met enige regelmaat voordat ik Paleo ging eten, maar toen gebruikte ik nog bloem. In een stoere bui dacht ik: ‘wat zou er gebeuren als ik de bloem gewoon achterwege zou laten?’ Tadaa: een zalige Paleovariant gebeurde. Die bloem bleek helemaal niet nodig!

palejo paleo recept kokoskip

Kokoskip met kerriemayonaise



Snij de kipfilet in blokjes van ongeveer 3 bij 3 centimeter.

Klop in een diep bord het ei los met 1 theelepel kerriepoeder, peper en zout.

Doe de kokos in een ander diep bord.

Als je ongeveer 3 kipfilets gebruikt, kun je de hoeveelheden ei, kerriepoeder en kokos aanhouden zoals beschreven. Gebruik je meer kip dan zal je waarschijnlijk meer nodig hebben (maar je kunt altijd halverwege bijmaken).

En nu begint het geklieder (heb je de zoete kip uit de oven al eens geprobeerd? Die is ook zo lekker en nóg kliederiger :). Haal de kipstukjes één voor één door het ei en vervolgens door de kokos. Het lijkt omslachtig, liever zou je de kip in één keer in het ei flikkeren, maar geloof me, dat wordt een zooitje. En als je het helemaal netjes wil doen, gebruik je één hand om de kip door het ei te halen, mik je het met diezelfde hand in de kokos en rommel je met je andere hand de kokos over de kip. Als de kip eenmaal goed onder de kokos zit, is het prima beet te pakken. Maar ach, als je niet vies bent van een beetje gekledder: dive right in zou ik zeggen!

Als je alle kipjes van kokos heb voorzien, bak je ze bruin en knapperig in de kokosolie.

Terwijl de kipjes gaar worden kun je vast de sla over de bordjes verdelen. Elke groente is natuurlijk prima, maar persoonlijk vind ik het zachte van de veldsla en het knapperige van de kokoskip een mooie combi.

Roer 2 theelepels kerrie door de mayonaise. Proef even of je het zo lekker vindt en anders doe je er gewoon nog een beetje kerrie bij. Doe het samen met de kip op het bord. Smullen maar!

En zoals veel van mijn diner-recepten: koud ook lekker en dus prima de volgende dag als lunch te eten.

Eet smakelijk!

Pizookie

Verdorie, ik heb van de week het laatste stukje pizookie opgegeten. Ik had er echt eentje moeten bewaren voor als ik dit ging schrijven, want bij het zien van de foto’s loopt het water me alweer in de mond! Het woord ‘pizookie’ is een samenvoegsel van ‘pizza’ en ‘cookie’ en zegt precies wat het is: een koekje ter grote van een pizza! Een koekje ter grote van een pizza? Yes, please! Het principe van een koekje ter grote van een pizza schijnt bedacht te zijn door BJ’s Restaurant & Brewhouse in Amerika en wordt als toetje gegeten. Het kan echter ook prima als lekkers bij de koffie!

palejo-paleo-recept-pizzookie

Pizookie


  • 170 gram amandelboter
  • 100 gram ahornsiroop
  • 1 ei
  • halve theelepel baksoda
  • halve theelepel vanille-extract
  • zout
  • 90 gram chocolade

Klik op het ingrediënt om te zien welke ik gebruik


Zet de oven vast aan op 180 graden.

Het makkelijkst is het als je alles, behalve de chocolade, in de mengkom van een staafmixer doet en dan blenderen maar! Heb je die niet, ook geen probleem, met de hand kan het ook maar dan moet je gewoon wat harder werken.

Voor de chocolade gebruik je pure chocolade met minimaal 70% cacao. Ik heb altijd de Extra Puur van Verkade. Die was vroeger 75%, maar sinds het recept ‘verbeterd’ is, bestaat de chocolade voor 72% uit cacao. Waarom dit geneuzel over percentages? Omdat de Paleopeeps ervan uit gaan dat de nadelen van bepaalde ingrediënten van reguliere supermarktchocolade niet opwegen tegen de goede eigenschappen cacao, maar alleen als er minimaal 70% cacao is gebruikt. Met de Extra Puur van Verkade zit je voorlopig dus nog goed (en nu maar hopen dat ze niet weer een ‘verbetering’ doorvoeren). Snijd de chocolade in kleine blokjes. Je kunt het malen, maar het zijn straks juist de half gesmolten chocoladechunks die de pizookie zo lekker maken! Schep de chocolade door je beslag.

Neem een springvorm van ongeveer 30 centimeter doorsnede. Bekleed de vorm met bakpapier en spreid het deeg over de bodem uit, laat daarbij ongeveer vijf centimeter tot aan de rand vrij (de doorsnede van je uitgespreide beslag is dan 20 centimeter). Zet het ongeveer 15 minuten in de oven. In ieder geval net zo lang tot de randjes goudbruin zijn en het midden van het beslag niet meer beweegt als je voorzichtig aan het bakblik schudt (alles is, zeg maar, gestold).

Snij de pizookie in pizzapuntjes en serveer direct, hoe heter hoe beter en laat het sweet, sweet eatin’ beginnen! Stel nou hè, dat je nog over hebt… (I know, soms ben ik heel grappig!) dan kun je het koekje prima invriezen. Als je dan een keer een ik-moet-chocola-aanval hebt, kun je er eentje uit de diepvries trekken, even laten ontdooien en smullen maar!

Ik vond dit recept voor de pizookie op de blog van Jessie Beltramo: Just Jessie B, terwijl ik aan het bloggen was over een ander toprecept van haar: porridge (als je dat niet al gedaan hebt: ook maken, lekker!). Dus alle credits gaan naar haar: whoop whoop Jessie!

Espresso brownies

Espresso brownies, moet ik daar eigenlijk nog iets over zeggen? Deze moet je gewoon maken, nu! Nou, oké omdat ik het niet laten kan, toch een uitlegje: deze brownies hebben mijn Paleo-leven gered. Ik denk dat ik drie maanden bezig was en smachtte naar ‘fatsoenlijk’ eten Jolanda-style (lees: iets heel onfatsoenlijks, want Paleo-eten is natuurlijk fatsoen op en top en daar was ik zó klaar mee!). Ik had al heel veel ‘lekkere’ recepten uitgeprobeerd, maar het was het allemaal net niet, flauw of gewoon ronduit smerig. Dit recept zag er echter (ook) veelbelovend uit, dus meteen gemaakt en ze zijn me daar toch een partij lekker!! Eindelijk kon ik weer een superlekkere brownie eten en daar hoefde ik niet eens voor te zondigen. Wauw! Het is nu zelfs mijn basis brownie recept. Nog sterker: zelfs de niet Paleo-ers in mijn omgeving beweren dat ze deze espresso brownies de lekkerste brownies ooit vinden. Als het ooit zou gebeuren dat ik stop met Paleo, dan blijft dit recept op zeker favoriet!

palejo paleo recept espresso brownies

Espresso brownies


  • 375 gram chocolade
  • 112,5 gram kokosolie
  • 3 theelepels espresso poeder
  • 8 eieren
  • 500 gram palmsuiker
  • 2 eetlepels vanille extract
  • 0,5 theelepel zout
  • 100 gram amandelmeel
  • 4 eetlepels kokosmeel

Verwarm de oven voor op 180 graden.

Pak een flinke pan, je  kunt namelijk alle ingrediënten daarin mengen dus dat scheelt een berg aan afwas als je pan meteen groot genoeg is! Zet hem op het laagste vuurtje en voeg de chocolade toe. Ik gebruik de extra puur van Verkade (75%, de Paleo-regel is dat je chocolade van minimaal 70% gebruikt) en dan heb je 5 repen van elk 75 gram nodig. Laat de chocolade smelten. Als het eenmaal gesmolten is, voeg je de kokosolie toe. Roer het door de chocolade heen tot de olie volledig is opgenomen. Voeg 3 theelepels espresso poeder toe. Ik gebruik altijd de espresso van Nescafé en dan staan die drie theelepeltjes gelijk aan 1 stick. Roer de koffie door het chocolademengsel en haal de pan van het vuur. Voeg de acht eitjes toe. De meeste recepten willen dat je ze één voor één doet en steeds tussendoor roert. Dat hoeft hier gelukkig niet, alle eitjes mag je zo in één keer bij het mengsel kieperen. Goed roeren, door de warmte begint het ei al wat te stollen en wordt je mengsel heel dik. Dat is niet erg, gewoon lekker door blijven roeren. Voeg vervolgens de palmsuiker, de vanille extract, het zout, de amandelmeel en de kokosmeel toe. Roer alles heel goed door elkaar.

Ik verdeel het beslag altijd over twee rechthoekige bakvormen (elk ongeveer 15 bij 25 cm) en zet ze gedurende 33 minuten in de oven. Ik weet het 33….een stomme baktijd…. Ik heb voor dit recept al vele baktijden geprobeerd, maar ben uiteindelijk hierop uitgekomen. 33 minuten in de oven levert de perfecte balans tussen krokant aan de buitenkant en smeuïg aan de binnenkant op wat mij betreft. Laat de espresso brownies vervolgens een uurtje afkoelen en snijd je baksel dan in stukken. Ik hou van stevige stukken, dus ik haal er zo een stuk of 20 uit. Warm zijn ze lekker, afgekoeld zalig én je kunt ze prima invriezen en op een later moment eten. Ik hou altijd een voorraadje in de diepvries, in mijn ergste ‘Ik MOET NU chocolade’-bui kan ik dan zonder al te veel moeite mijn chocolade-fix regelen (alleen dat ontdooien duurt altijd zo lang :).

Dit goddelijke recept heb ik helaas niet zelf bedacht (I wish) maar gevonden op de website van Elana Amsterdam. Zij heeft echt fantastische recepten, waaronder dus deze espresso brownies (zij noemt ze espresso fudge brownies). Het leuke van Elana is dat ze altijd met heel weinig ingrediënten werkt (sommige andere bakkers hebben altijd een hele waslijst aan ingrediënten, dan heb ik al geen zin meer om er aan te beginnen) en met weinig materialen, dus de berg afwas wordt ook aanzienlijk beperkt. Erg prettig!

En nou hou ik op met kletsen: hop die keuken in en bakken!

Paleo gevulde speculaas

Oh jongens, wat ik nu toch voor jullie heb: Paleo gevulde speculaas! Ja, echt! Toen ik Marinka van Eet Paleo vroeg of ik haar recept mocht gebruiken, heb ik haar mijn Sinterklaas-Life-Saver genoemd. En dat is echt zo! Ik weet nog zo goed hoe moeilijk het vorig jaar was om tijdens mijn eerste Sinterklaas sinds de start van mijn Paleo-tijdperk van al dat lekkers af te blijven. Alternatieven had ik nog niet, dus het was heel sneu, Heel Erg Sneu… Maar dit jaar niet! Eerder blogde ik al over echte Paleo-chocoladeletters en een week of wat geleden vond ik dit recept voor Paleo gevulde speculaas. Ik zit deze Sinterklaas gebeiteld!

palejo-recept-paleo-gevulde-speculaas

Paleo gevulde speculaas


Voor de spijs

  • 200 gram amandelmeel
  • snufje zout
  • 140 gram honing
  • 1 ei
  • 2 theelepels citroensap

Voor de speculaas

  • 200 gram amandelmeel
  • 150 gram kastanjemeel
  • 75 gram arrowroot
  • 150 gram kokosbloesemsuiker
  • 20 gram speculaaskruiden
  • snufje zout
  • 110 gram kokosolie in vaste vorm (of 120 ml in vloeibare vorm)
  • 55 gram kokosmelk (of 60 ml)
  • 2 eieren

Verwarm de oven vast voor op 160 graden.

Doe de amandelmeel voor de spijs in een kom. Het is het mooist als je amandelmeel gebruikt dat gemalen is van gepelde witte amandelen, anders krijg je allemaal spikkeltjes in je spijs. Doe de rest van de ingrediënten voor de spijs erbij en meng het heel goed (ik gebruik meestal een vork, lekker prakken!). Wees niet te scheutig met de citroensap, want die smaak overheerst makkelijk. Liever iets te weinig dan te veel gebruiken. Het enige verschil met normale amandelspijs is dat je honing gebruikt in plaats van suiker. Officieel moet de spijs, als een rolletje in folie, een paar dagen in de koelkast rusten, maar dat is bij dit recept niet nodig. Even in de koelkast totdat je het zo meteen nodig hebt, werkt prima.

In een andere kom meng je de droge bestanddelen voor de speculaas door elkaar. Arrowroot, oftewel pijlpuntwortel, is een wit poederachtig spulletje dat gebruikt kan worden als bindmiddel. Ik koop altijd online die van TerraSana, maar in de supermarkt is het ook te krijgen, dan meestal van het merk Smaakt. Vervolgens voeg je de natte bestanddelen toe. Ik heb de kokosolie en de kokosmelk zowel in grammen als in ml weergegeven. Ik vind grammen over het algemeen makkelijker en het scheelt ook afwas (ik zet de kom gewoon op de weegschaal en doe alles er achter elkaar in, direct uit de verpakking en tussentijds zet ik de weegschaal dan steeds op 0). Meer afwas is op zich natuurlijk niet erg, maar daar ben ik veel te lui voor :). Alles heel goed mengen, je zult ziet dat het een mooie homogene massa wordt als je maar even stug door blijft kneden.

Bedek een schaal met een inhoud van minimaal 1 liter (mijn schaal meet ongeveer 16 bij 26 cm) met bakpapier. Als je schaal kleiner is, wordt je speculaas hoger en als je schaal groter is, wordt hij platter. Maakt op zich niet uit natuurlijk, maar hou er rekening mee dat je baktijd dan anders is en dat je, bij een grotere schaal, misschien moeite hebt om alles mooi te bedekken (dat had ik de laatste keer dat ik het maakte, mijn kleine schaal was vies en zoals gezegd: als ik niet per se aan de afwas hoef, zal ik het ook echt niet doen, maar een gekledder dat het was om ook het bovenste laagje dekkend te krijgen!).

Verdeel de speculaas in twee gelijke delen (da’s belangrijk anders krijg je ongelijke laagjes, zoals bij mij op de foto te zien is, ik had net even te veel haast om alles supernetjes te doen…). Doe het ene deel in de schaal en bedek er de hele bodem mee. Ik doe als trucje een laag bakpapier eroverheen en druk het dan voorzichtig aan. Vervolgens verdeel je alle spijs erover (als je de truc met het bakpapier herhaalt, druk dan niet te hard, anders duw je de spijs in de onderste laag). Tot slot verdeel je de rest van de speculaas eroverheen.

Zet de Paleo gevulde speculaas voor 40 minuten in de oven. Vreemd genoeg wordt het bij mij niet elke keer even gaar, ook al kies ik iedere keer voor 160 graden, maar ik heb gemerkt dat dit voor de smaak niet zo veel uitmaakt, het is zelfs juist wel lekker, want het is dan extra smeuïg. Uiteraard kun je het daarna meteen warm opeten, maar persoonlijk vind ik het koud lekkerder en ik vind het zelfs het lekkerst uit de diepvries. Op de één of andere manier lijken de laagjes dan meer een eenheid te vormen (ik weet het, vaag gewauwel, maar ik kan het niet beter uitleggen). Dus ik bak het, laat het afkoelen, snij het in vierkantjes en vries het per stuk in. Op het moment dat ik dan zin in gevulde speculaas heb (momenteel zo ongeveer elke dag :), trek ik een zakje uit de diepvries, en wie zoet de minuten aftelt tot het is ontdooit…, krijgt iets ongelofelijk lekkers!!!!

Ik heb wat kleine wijzigingen in het oorspronkelijke recept gemaakt (meer honing en een snufje zout in de spijs), maar verder heb ik het gelijk gehouden. Je vindt het oorspronkelijke recept voor Paleo gevulde speculaas op Eet Paleo. Ik vind het echt geweldig dat Marinka dit recept heeft ontwikkeld, want mijn Sinterklaas is met dit recept weer op het oude smulniveau. Moge zij maar veel cadeautjes in d’r schoen krijgen!

Trouwens, wat past er beter bij gevulde speculaas dan een beker Paleo warme chocolademelk. Nog niet genoeg van al die Sinterklaasheerlijkheden? Probeer dan ook eens de Paleo chocoladeletter van Magic.

Paleo snickerdoodles

De Paleo snickerdoodle is een heel lekker kaneelkoekje. Knapperig van buiten en zacht van binnen en in een oogwenk gemaakt! De herkomst van het koekje is niet helemaal duidelijk. Waarschijnlijk is ‘ie bedacht in Amerika door Duitse immigranten. Waar de naam vandaan komt, is ook niet helemaal duidelijk. Het zou een verbastering kunnen zijn van het Duitse Schneckennudel (kaneelbroodje), maar het zou ook uit het Engels kunnen komen, want het was een tijd ‘in’ om koekjes onzinnamen te geven. Hoe dan ook, het heeft niets te maken met de bekende chocoladereep, ook niet qua smaak, maar ik vind het in ieder geval een onwijs geinig woord. Het recept kan variëren, maar wat alle snickerdoodles gemeen hebben is dat ze, voordat ze de oven in gaan, door een mengsel van suiker en kaneel worden gerold. Het oorspronkelijke recept bevat uiteraard allemaal Paleo-no-no’s, maar deze variant is helemaal Pale-Oké. Kortom, ik presenteer: Paleo snickerdoodles!

Paleo palejo recept snickerdoodles

Paleo snickerdoodles


  • 250 gram amandelmeel
  • 120 gram + 6 eetlepels palmsuiker
  • 2,5 theelepel kaneel
  • 1 theelepel baksoda
  • halve theelepel zout
  • 1 losgeklopt ei
  • halve theelepel vanille-extract
  • 100 gram gesmolten kokosolie

Verwarm de oven voor op 180 graden.

Mix 6 eetlepels palmsuiker met 1,5 theelepel kaneel in een kommetje en zet het even apart.

Mix de amandelmeel, 120 gram palmsuiker, 1 theelepel kaneel, de baksoda en het zout goed door elkaar. Klop een ei los en meng dit door de droge bestanddelen. Voeg het vanille-extract en 100 gram gesmolten kokosolie toe. Goed mengen. Draai balletjes van het deeg (ongeveer 2 centimeter in doorsnede) en haal elk balletje door het suiker/kaneel-mengsel. Leg de balletjes op bakpapier en hou daarbij minimaal 4 centimeter tussen elk balletje vrij want de balletjes gaan ‘lopen’ en worden zo koekjes van ongeveer 6 centimeter doorsnede.

10 minuutjes in de oven en ze zijn al klaar! Het moeilijkste komt echter nog: er af kunnen blijven tot ze afgekoeld zijn :)

Je kunt ze heel goed in een afgesloten doosje een paar dagen bewaren (als je dat al redt), je kunt ze zelfs invriezen, dat is nog eens handig, zo heb je altijd koekjes op voorraad! Dit recept heb ik al heel lang, al vanaf het begin van mijn Paleo-tijdperk en ik heb werkelijk geen idee meer waar ik het vandaan heb. Ik heb zelfs gegoogled en kwam er zo achter dat er niet alleen van het oorspronkelijke recept veel varianten bestaan, ook de Paleo snickerdoodle versie kent inmiddels vele varianten. Ik heb echter niet het oorspronkelijke recept waar ik vanuit ben gegaan kunnen achterhalen. Mocht je het recept herkennen, laat het me dan weten, dan zorg ik alsnog voor een correcte bronvermelding. En nu genoeg geneuzeld, stoppen met lezen en lekker gaan bakken dat koekje!

Zoete kip uit de oven

In het kader van smikkelen en smullen heb ik hier weer een toppertje: zoete kip uit de oven. Het heeft wel iets weg van nuggets, maar dan heel zoet. Je glazuur knalt bijna van je tanden af, maar het is lekker, joh! Het is een gerechtje wat vooral kinderen heerlijk vinden (maar waar de grote mensen stiekem het meest van snoepen… :) en wat ze ook heel leuk zullen vinden om bij te helpen omdat je er lekker vies van wordt. Huh? Vies? Ja, lekker vies!

palejo paleo recept zoete kip uit de oven

Zoete kip uit de oven


voor de kip

  • 450 gram kipfilet
  • 50 gram tapioca
  • 2 eieren
  • 225 gram amandelmeel
  • halve theelepel zout
  • kwart theelepel peper

voor de saus

  • 200 gram honing (voel je je glazuur al omkrullen?)
  • 80 ml Coconut Aminos
  • halve theelepel knoflook

Klik op het ingrediënt om te zien welke ik gebruik


Verwarm de oven voor op 220 graden en snij in de tussentijd de kip in blokjes van ongeveer 2 bij 3 cm. Doe de eitjes in een schaaltje en klop ze goed los. Doe de tapioca in een tweede schaaltje en de amandelmeel in een derde schaaltje. Mix de peper en zout door de amandelmeel.

En nu komt het gekledder voor gevorderden: haal de kip eerst door de tapioca, dan door het ei en vervolgens door de amandelmeel. De manier om niet helemaal onder de troep te komen te zitten is door de kipstukjes één voor één door de schaaltjes te halen (geloof me, het stelt je geduld op de proef, maar het wordt echt, echt minder rommelig zo. De eerste keer dacht ik: ‘wat maakt het nou uit of je alles in één keer in het bakje flikkert?’ Nou, de amandelmeel-tapioca-eidrek zat ongeveer tot aan mijn oksels, zo erg maakt het uit!). Wat ook helpt is als je één hand reserveert voor de tapioca en de amandelmeel en één hand voor het eigeel. Heb je allemaal geen zin in dit getut: ‘dive in’ zou ik zeggen en stuur me alsjeblieft de foto’s van jezelf als je klaar bent :).

Leg de stukjes kip niet op een hoopje maar naast elkaar op een bakrooster dat je hebt afgedekt met een vel bakpapier. Zet de kip voor ongeveer 25 minuten in het midden van de oven. Halverwege draai je ze allemaal even om, dan worden ze aan alle kanten mooi bruin en knapperig.

Terwijl de kip z’n ding doet, ga je de saus maken. Doe de Coconut Aminos, de honing en de knoflook in een pannetje en laat het al roerend goed warm worden.

Na de 25 minuten oventijd haal je het bakrooster eruit en giet je de saus over de kipstukjes. Zorg dat je elk stukje van saus hebt voorzien, want zonder saus worden ze zo droog als klaphout. Doe de kip met de saus nog drie minuten in de oven. En tadaa! Zoete kip uit de oven: laat het smikkelen en smullen maar beginnen!

Door het amandellaagje en de honing vult dit gerecht enorm, je kunt er, als je er bijvoorbeeld rucola bij serveert, makkelijk met z’n viertjes van eten. Wat ook lekker is, is een deel van de kip bewaren en de dag erna als lunch te eten. Koud zijn ze ook heerlijk!

Het oorspronkelijke recept is overigens bedacht door Kristen, een receptontwikkelaar, voedselfotograaf en blogger uit Vancouver. Ik heb het recept niet één op één overgenomen simpelweg omdat ik de hete saus die zij gebruikt niet heb. In plaats daarvan heb ik Coconut Aminos gebruikt. De yoghurtdip (niet-Paleo!) heb ik ook achterwege gelaten.

Neem eens een kijkje op The Endless Meal, daar besteedt Kristen af en toe aandacht aan Paleo-recepten (dus let op, niet alles wat je op haar blog vindt, is geschikt), maar wat misschien nog wel leuker is: ze geeft tips voor als je zelf een foodblog hebt, met name op het gebied van voedselfotografie. Leuk om te lezen!

Egg drop soep

Deze week ben ik druk, druk, druk. Ik heb geen tijd om rustig op de bank te zitten om een boek te lezen, laat staan om heel uitgebreid te koken of een stukje voor mijn blog te schrijven. Tegelijkertijd dat ik aan het overwegen was dan maar een weekje bloggen over te slaan, was ik aan het bedenken dat ik iets ‘snels’ voor de lunch moest hebben. En toen ging het lampje aan: dat moet ik dus gewoon combineren! Dus hierbij een heel klein blogje over een heel snel (maar erg leuk om te maken) lunchgerechtje: egg drop soep!

palejo paleo recept egg drop soep

Egg drop soep


  • 2 eitjes
  • 500 ml bouillon

Kluts twee eitjes. Breng 500 ml bouillon aan de kook. Voeg het ei in een dun straaltje toe terwijl je blijft roeren (daar komt de naam vandaan: je ‘dropt’ de ‘egg’ in de soep). Klaar!

Die bouillon is trouwens nog wel een dingetje. Aan eigenlijk alle reguliere merken bouillon, is vanalles, maar met name suiker (!). Je kunt het dus het beste zelf maken en in porties invriezen. De egg drop soep is dus jammer genoeg alleen maar snel als je eerder wel wat tijd hebt kunnen investeren.

Om echt tijd te besparen zou ik het liefst bouillonblokjes of bouillonpoeder gebruiken, maar ik heb tot nu toe nog geen Paleo-vriendelijke versie kunnen vinden die ook nog lekker was. Ook de bekende biologische merken zoals Terrasana stoppen er allerlei Paleo-no-no’s zoals maïs, soja en rijst in. Uiteindelijk heb ik er maar eentje gevonden: de groentebouillon van Het Blauwe Huis. Absoluut een mooi product en puur Paleo, maar die vind ik dus niet zo lekker…… Zucht…… Iemand tips?

Gevulde eitjes

Ken je dat? Dat je een prachtig schaal met gevulde eieren voor ogen hebt, maar dat het resultaat bestaat uit flubbertjes waar de vulling uit valt omdat je dooier helemaal aan de zijkant zat? Of dat je dooier fantastisch in het midden zit, maar je die krengen on-mo-ge-lijk gepeld krijgt? Grr! Het proces richting Perfect Gevulde Eitjes kan vol zitten met frustraties, maar of ze er nou mooi uit zien of niet, lekker zijn ze altijd!

Ik heb overigens in mijn Paleo-beginperiode best even moeten zoeken. De mayonaise is vrij bepalend voor de smaak en de mayonaise die ik altijd voor de eitjes gebruikte mocht niet meer… Gelukkig is het allemaal goed gekomen. Hier vind je mijn recept én tips om de nagestreefde perfectie te bereiken!

gevulde eitjes paleo recept

 

Gevulde eitjes


Klik op het ingrediënt om te zien welke ik gebruik


Dat de dooier niet netjes in het midden zit, hebben we te danken aan de zwaartekracht. Als een ei een tijdje ligt, zakt de dooier langzaam naar beneden. Geen nood, je kunt dit proces uitstellen door de eieren met de punt omhoog (zoals in een eierdoosje) weg te zetten. Wat ook helpt, is een paar dagen voordat je de eieren gaat gebruiken, ze elke dag om te keren, maar eerlijk gezegd vind ik dat een beetje te veel moeite (oké, toegegeven, dat vergeet ik dus gewoon). De makkelijkste manier is om een pan water op te zetten. Hard te roeren tot je een draaikolk hebt, de eieren toe te voegen en dan zachtjes door te blijven roeren tot het water kookt. Het eiwit is dan zodanig gestold dat het eigeel verder wel op z’n plek blijft zitten. Je denkt vast: ‘Waarom gebruik je dan geen vers ei? Die heeft nog geen tijd gehad om ‘uit te zakken’?’ Klopt, maar verse eieren pellen voor geen meter, laat ze minimaal een dag of drie liggen.

Nadat het water kookt, zet je de wekker op 8 minuten. Zo kook je ze mooi hard, zonder dat ze groenig uitslaan. Als het wekkertje is gegaan, gooi je het hete water weg en laat je de eitjes schrikken. Roepen dat ze niet Paleo zijn, zou kunnen helpen…. ;) maar over het algemeen is ze afspoelen onder heel koud water genoeg. Door de kou krimpt het ei iets, waardoor hij lossig in de schil komt te liggen. Sla de schaal aan de brede kant van het ei kapot en pel het ei onder de kraan door met je duim als het ware de schaal los te duwen. Moet lukken zo, maar stel nou dat het nog niet lukt, dan schijnt een beetje baking soda in het water wonderen te verrichten. Ik heb het nog nooit geprobeerd, maar wie weet?

Eitjes gepeld? Snij er dan vier in de lengte door midden en wip het eigeel er voorzichtig uit. Prak het eigeel. Snij de andere twee eieren in kleine stukjes en doe het bij het eigeel. Voeg de mayonaise toe en roer het goed door. Voeg ook peper, zout en kerrie toe. Af en toe een beetje proeven om te zien of je genoeg hebt toegevoegd. Verdeel het mengsel over de halve eitjes. Strooi er tot slot nog een beetje kerrie over (puur voor de gezelligheid). Tast toe!

Dit is uiteraard een heel basic recept. Je kunt andere kruiden gebruiken (paprikapoeder in plaats van kerrie, ook lekker), uitjes of bacon toevoegen. Mosterd erdoor is ook erg smakelijk (zie hier welke mosterd ik gebruik). Mocht je om inspiratie verlegen zitten dan levert Google zo’n half miljoen hits op ‘gevuld ei’, mocht dat nog niet genoeg zijn dan kun je ook nog zoeken op de Engelse term ‘deviled eggs’. Ik heb me altijd afgevraagd waarom ze zo heten. Het schrijven van dit artikeltje zorgde ervoor dat ik het eindelijk op ging zoeken. ‘Deviled’ komt uit de achttiende eeuw en werd gebruikt om voedsel aan te duiden dat erg heet gekruid was (zie daar de link met de hel waar het ook vrij warm schijnt te zijn en vervolgens de duivel). Vanwege die link met de duivel spreekt men in kerkelijke kringen liever van ‘Angeled eggs’. Ook dieetmensen houden deze term aan, maar dan om aan te geven dat hun gevulde eitje alleen maar brave ingrediënten bevat. Eigenlijk zijn mijn gevulde eitjes dus ook ‘Angeled eggs. Ha! Weer wat geleerd!

Mayonaise Paleo-style

Bij Paleo denk je misschien niet meteen aan mayonaise. Toch is dat één van de dingen die ik het meeste maak en de basis voor bijna al mijn sauzen en dressings. Ik moest even de slag te pakken krijgen (lees: vijf pogingen waren nodig om een saus te krijgen die in ieder geval in de verte op mayo leek), maar deze manier van mayonaise maken is eigenlijk heel simpel. Tegenwoordig moet ik zelfs mijn potje bewaken tegen de niet-Paleo-ers. Zo lekker is mijn mayonaise Paleo-style!

Ondanks mijn opstartproblemen is dit een makkelijk recept: geen gedoe met druppelsgewijs olie toevoegen wat je overal leest. Gewoon alles bij elkaar en mixen maar. Trouwens, mayonaise-in-wording ziet er erg grappig uit, ik vind het iedere keer weer leuk om te maken!

palejo-paleo-recept-mayonaise

Mayonaise Paleo-style


  • 1 groot ei
  • 1 extra eigeel van een groot ei
  • peper
  • zout
  • 2 theelepels mosterd
  • azijn, ongeveer 10 ml
  • milde olijfolie, ongeveer 500 ml

Klik op het ingrediënt om te zien welke ik gebruik


Het is heel belangrijk dat alles op kamertemperatuur is, dus zorg dat je het ruim voordat je de mayonaise gaat maken, al buiten de koelkast hebt staan.

Je hebt verder een mengbeker van minstens 600 ml nodig, dat werkt het makkelijkst en een staafmixer met zo’n metalen voet zoals op de foto.

Doe het ei en het eigeel in de maatbeker. Voeg peper en zout naar smaak toe, dit is een kwestie van uitproberen. Voeg daarna twee theelepels mosterd toe. Ook hier gaat het om een kwestie van smaak. Ik merk dat ik de laatste tijd steeds meer mosterd toevoeg om het geheel wat pittiger te maken (schijnen de Fransen ook te doen, in Franse mayo zit over het algemeen meer mosterd dan in Nederlandse mayo). Met 2 theelepels krijg je in ieder geval een romige zachte mayo. Ik gebruik altijd grove mosterd, vandaar die spikkeltjes.

Voeg de azijn toe tot het streepje van de 100 ml, je hebt daar ongeveer 10 ml voor nodig. Ook hierbij is het een beetje spelen, want als je bijvoorbeeld meer mosterd hebt toegevoegd, zit je sneller aan de 100. Je zult zien dat de azijn een wat typische reactie op de rest heeft, geen nood, komt goed. Als je iets teveel azijn hebt gebruikt, wordt je mayonaise wat zurig. Dit is op zich ook heel lekker, maar wil je dit liever niet, dan kun je aan het einde wat honing toevoegen om de boel weer in balans te brengen.

Voeg dan de olijfolie toe tot het streepje van de 600 ml (en nee, niet zo truttig druppelen, gewoon lekker gieten!) en dan komt het leukste: mixen! Zet de staafmixer met de kap over de eigelen en zet hem dan pas aan. Tegelijkertijd trek je de staafmixer langzaam omhoog en aanschouw het wonder: mayonaise Paleo-style!! Let maar op: supergrappig om te zien.

Wat je vervolgens absoluut niet mag doen, is een pompende beweging maken met de staafmixer. Dat schijnt de mayonaise niet ten goede te komen….. dus ben ik eigenwijs en pomp ik de staafmixer een paar keer al ‘luchthappend’ (pas op, spettergevaar!) op en neer. Wordt de mayo wat dikker van en dat vind ik lekker… dus…

Ik bewaar de mayonaise in een weckpotje in de koelkast gedurende maximaal een week. Het is zo al heerlijk, maar ook een perfecte basis voor allerhande sausjes en dressings: voeg wat knoflook toe of kerrie en je hebt weer een heel andere saus. Mayonaise Paleo-style met knoflook kun je bijvoorbeeld serveren bij kipspiesjes in honing-mosterd marinade. De kerrie-variant gaat op zijn beurt weer fantastisch samen met kokoskip.

Als je de mayonaise in contact laat komen met warm eten, gaat hij vrij snel ‘lopen’, ik heb dat opgelost door het in een apart bakje los erbij te serveren. Geniet ervan en ik hoor graag hoeveel pogingen jij nodig had om tot de perfecte mayonaise te komen! (één van mijn pogingen leverde een schuimend resultaat op, heel bijzonder, maar ik heb het toch maar niet opgegeten :).