Paleo bananenbrood

Terwijl ik dit typ, drijven er heerlijke geuren de kamer in: er staat Paleo bananenbrood in de oven! Grappig genoeg is dit weer typisch zo’n recept waar ik tijden met een boog omheen heb gelopen. Toen ik het recept van Porridge vond, dacht ik: ‘Meh, anders dan een banaan in de pure vorm lust ik geen dingen met banaan erin.’…. Bleek superlekker te zijn. Toen ik het Vlaflipje tegenkwam, dacht ik: ‘Nah, d’r zit banaan in, vind ik vast niet lekker.’…. Líters van het spul heb ik inmiddels op. Zó lekker! Al ver voor mijn Paleo-tijd had ik van bananenbrood gehoord en ik dacht altijd: ‘Gatver, moet ik niet aan denken!’ en dat heb ik rustig volgehouden toen ik in de Paleo-stand schoot. Bananenbrood? Niets voor mij! Blijkbaar ben ik nogal hardleers…

Tot ik op een verjaardag was en die lieverds speciaal voor mij ook iets hadden gebakken. Je raadt het al: bananenbrood. ‘Hoe kom ik hier fatsoenlijk onderuit’ dacht ik nog, maar ik kon niets bedenken…. Ja, een appelflauwte faken, maar helaas ben ik welopgevoed (en bedankt hé, pap en mam! ;) dus zat ik met de gebakken peren om nog meer even in het fruit te blijven… Heel voorzichtig nam ik een hap, en tot mijn grote verbazing had ik niet alleen in no time het plakje bananenbrood op, ik hoorde mezelf om het recept vragen…. Nou bleek dat recept toch niet helemaal Paleo te zijn, dus ben ik op onderzoek uitgegaan, naar een alternatief dat net zo lekker smaakte als op de verjaardag en hierbij presenteer ik dan: Paleo bananenbrood!

Paleo Bananenbrood

Paleo bananenbrood


  • 400 gram banaan
  • 4 eieren
  • 140 gram amandelboter
  • 4 eetlepels gesmolten kokosolie
  • 95 gram amandelmeel
  • 1 eetlepel kaneel
  • 2 theelepels baksoda
  • 1 theelepel vanille aroma
  • zout
  • 150 gram rozijnen
  • 30 gram walnoten
  • 20 gram hazelnoten

Klik op het ingrediënt om te zien welke ik gebruik


Zet de oven vast aan op 175 graden.

In een kom doe je de banaan (400 gram staat gelijk aan ongeveer drie bananen, je kunt ze zelfs van te voren in plakjes invriezen, dan heb je altijd op voorraad),de eieren en de amandelboter. Blender alles goed door elkaar. Voeg dan de gesmolten kokosolie toe en blender dat ook door je mengsel heen.

Dan voeg je de amandelmeel, kaneel, baksoda, vanille aroma en het zout toe. Goed doorroeren. Nu heb je feitelijk het basisrecept voor Paleo bananenbrood gemaakt. Je kunt dit al in de oven doen als je wilt. Ik heb het geprobeerd, maar vond het een beetje kaal, saai en… te bananig. Precies dus de bananenbrood die ik altijd had verwacht (lees: gevreesd ;).

Dus we gaan de boel een beetje opleuken! Ik heb gekozen voor een mix van rozijnen, walnoten en hazelnoten en na een paar experimenten kwam ik op bovenstaande verhouding uit. Die vind ik het lekkerst. Maar je kunt natuurlijk ook helemaal los gaan met andere ingrediënten: pecannoten, amandelen, cranberries, dadels, kokos, chocola (!), wat jij wilt!

Als je al je goodies door het beslag hebt geschept, giet je het over in een grote cakevorm. Die van mij meet 11 bij 30 cm, een flinkerd dus. Dan gaat het beslag relatief lang de oven in: 1 uur. Het brood wordt aan de bovenkant best donker, maar dat is voor de smaak in ieder geval geen bezwaar. Wil je hem wat lichter dan zul je hem logischerwijs wat korter in de oven moeten laten staan. Check in ieder geval even met een satéprikker: als je die erin steekt en hij komt er nagenoeg schoon uit, dan is het brood goed.

Even laten afkoelen en in plakken snijden. Je kunt het brood eten als een plakje cake bij de koffie, maar ik neem ook wel eens twee of drie plakjes mee als brood voor tussen de middag. Invriezen gaat trouwens ook prima, gewoon per stuk in een zakje. Je moet er alleen wel rekening mee houden dat het ontdooien van Paleo bananenbrood op de één of andere manier vrij lang duurt.

Als je ‘Paleo bananenbrood’ intikt in Google, kom je ontelbaar veel recepten tegen. De meesten recepten zijn vergelijkbaar. Ik heb voor mijn eerste poging in ieder geval het recept van Civilized Caveman Cooking gevolgd. Dat was een hele goede start, maar ik vond uiteraard dat het beter kon, dus ben ik druk gaan variëren om tot mijn recept te komen. Zeker als je bij bananenbrood ‘nah’, of ‘meh’ denkt, zou ik het eens proberen. Wie weet heb je net als ik in no time je plakje op. Om het recept hoef je alvast niet meer te vragen! Eet smakelijk!

Paleo warme chocomelk

Oh, wat is het leven van een foodblogger soms zwaar. Sinterklaas is weer in het land en daar hoort voor mij warme chocomelk bij. Zelfgemaakte warme chocomelk bedoel ik dan. Niet die uit het bekende gele pak en dan opgewarmd (ook lekker hoor), maar echt from scratch met suiker, cacao en melk opgewarmd in een pannetje. Nou, moet ik eerlijk toegeven dat ik in het warme-chocomelk-gebied sinds ik Paleo ben gaan eten altijd een beetje gesmokkeld heb. Ik gebruikte lactosevrije melk als vervanger voor reguliere melk, verving de suiker door palmsuiker en dat was dan wel een beetje de gepaleoliseerde (is dat een woord? Bij PaleJo wel ;) versie. Maar dat is natuurlijk voor geen meter Paleo. Als er iets bewerkt is, is het wel lactosevrije melk, daar is lactase aan toegevoegd om de lactose te neutraliseren (oké, oké, ik ben net even voor straf in de hoek gaan staan). Kortom, het was echt wel lekker, maar ik hield mezelf, bij gebrek aan beter alternatief, wel een beetje voor de gek. Dus met het sinterklaasfeest in zicht, heb ik mezelf heilig voorgenomen: ik ga een recept verzinnen voor Paleo warme chocomelk! Dus, en daar slaat het eerste zinnetje van deze post op, ik heb de afgelopen twee weken liters warme chocomelk geproduceerd en alles moest natuurlijk worden geproefd (och arme ik ;).

Het was niet eenvoudig. Ik heb de melk vervangen door water, brr, als ik daar nog aan denk! Toen de melk vervangen door amandelmelk: veel te zwaar. De melk dan maar vervangen door kokosmelk en dan krijg je wat je verwacht: chocomelk die naar kokos smaakt, voor de liefhebber oké, maar ik wilde cacao, cacao en cacao, verder geen bijsmaakjes voor mij! Toen een pakje Chocomylk van Rebel Kitchen gepakt en die verwarmd. Koud is het zalig (zie daarvoor mijn post over hét Paleo alternatief voor chocomelk) en ik moet zeggen, verwarmd was het ook heel lekker, maar toch was het niet hetzelfde als de beker dampende chocomelk van vroeger. Wel viel me op dat het percentage kokosmelk dat Rebel Kitchen gebruikt heel laag is (maar 11%), de rest is water. Mmm, dus weer de keuken in: bij elke nieuwe poging steeds minder kokos- of amandelmelk gebruikt en steeds meer water. Maar daar werd het eigenlijk weer te waterig van terwijl een goede warme chocomelk romig moet zijn.

Ik was al bijna van plan het bijltje er bij neer te gooien toen ik een kleine google-actie ondernam. Toen ik twee jaar geleden met Paleo begon, kon ik geen goede recepten vinden voor Paleo warme chocomelk, vandaar dat ik genoegen heb genomen met de lactosevrije melk, maar dat was nu anders! Alle recepten op basis van amandel- of kokosmelk in combinatie met cacao en palmsuiker (en dat zijn ze bijna allemaal!) kon ik skippen, been there, done that, doesn’t work! Maar één recept sprong eruit omdat er andere ingrediënten werden gebruikt dan die ik steeds gebruikte en die volgens mij ook nog eens niet het gewenste resultaat zouden opleveren (soms zie je een recept en dan denk je meteen ‘dat gaat hem niet worden’, maar recalcitrant als ik ben, is het dan des te leuker om uit te proberen). Mijn nieuwsgierigheid was gewekt! Dus  het recept gevolgd en daar was ‘ie dan ineens: Paleo warme chocomelk!!!

Als je me al een tijdje volgt, zal het je niet verbazen dat ik van het oorspronkelijke recept afgeweken ben. Normaal uit eigenwijzigheid (had ik al gezegd dat ik soms een beetje recalcitrant kan zijn?…;), maar dit keer om de praktische reden dat ik niet alle ingrediënten in huis had. Nadat ik genoten had van mijn eerste echte Paleo warme chocomelk (ik ben niet eens meer op zoek gegaan naar de missende ingrediënten, hij was zo al lekker!) ben ik gaan experimenteren met de bereidingswijze, want ook daarvan wil ik toch altijd nog even kijken of het beter, makkelijker, minder-afwas-producerend kan. Ik weet het… eigenwij-hijs! Grappig genoeg maakt de bereidingswijze bij dit recept echt wel verschil. Dus mocht je zijn als ik: speel met de bereiding en bepaal voor jezelf wat jíj de lekkerste variant vindt. Het voordeel van deze trial and errors is dat er geen errors meer tussen zitten. Ze zijn allemaal lekker, het is maar net waar je de voorkeur aan geeft. Hier komt die van mij:

paleo warme chocomelk

Paleo warme chocomelk


  • 6 dadels
  • 2 theelepels palmsuiker
  • 5 theelepels cacao
  • 1 eetlepel amandelmeel (mét kop erop)
  • snufje zout
  • flink glas water

Snij de dadels in stukjes. Heb je van die grote Medjoul dadels, dan zijn twee stuks voldoende. Gebruik je van die kleine voorverpakte dan is 6 een goed aantal. Doe de stukjes dadel in een hakmolentje. Voeg 2 theelepels palmsuiker toe (of meer of minder, net hoe een erge zoetekauw je bent), 5 theelepels cacao (ook hier geldt: naar smaak meer of minder) en 1 eetlepel amandelmeel mét een flinke kop erop en een snufje zout. Voeg een beetje water toe en blender het geheel zo fijn mogelijk.

Doe het samen met een flink glas water (250 – 300 milliliter) in een steelpannetje en verwarm het op een middelhoog vuur. Niet laten koken!

Als de chocomelk warm genoeg is, giet je het via een fijne zeef in je mok en klaar is je heerlijke Paleo warme chocolademelk! Je houdt een onooglijk prutje van dadels en amandelmeel over, dat kun je weggooien. Ik vond het in ieder geval niet lekker.

Het voordeel van dit recept is, dat je geen amandelmelk of kokosmelk hoeft te gebruiken. Die heb je vaak in te grote verpakkingen (zeker amandelmelk, geen idee waarom dat alleen maar in literpakken te verkrijgen is) en dan hou je heel veel over. Amandelmeel heb ik altijd wel in huis. En ja, ik heb uitgeprobeerd wat je krijgt als je de amandelmeel weglaat, omdat ik zoiets had van :’hé, je zeeft het er toch weer uit’, maar geloof me, je hebt het nodig. Het geeft namelijk de romige smaak en consistentie aan je chocomelk, zelfs als je het daarna weggooit.

Uiteraard geldt: hoe fijner de zeef, hoe meer friebeltjes je uit de chocomelk haalt. In het oorspronkelijke recept wordt er helemaal niet gezeefd, maar zoals ik al zei, ik vind het niet echt lekker. Nieuwsgierig naar de oorspronkelijke variant? Dat kun je vinden op de site van Praktijk ZEON. ZEON is een centrum in Groningen waar mensen kunnen werken aan hun persoonlijke ontwikkeling en zichzelf kunnen ontplooien, een Paleo eetstijl hoort daar wat hen betreft bij. Ik ken dit centrum verder niet, maar kwam er dus na een google-actie terecht. Eén tip uit hun manier van bereiden wil ik je nog wel meegeven. Als je vlak voor het serveren de staafmixer er even doorheen haalt, krijg je een heerlijk schuimlaagje. Nadeel hiervan is wel dat de vaste deeltjes ook kleiner worden en makkelijker door je zeefje gaan, dan krijg je weer iets meer friebeltjes in je chocolademelk. Het is maar net wat je lekker vindt!

Over lekker gesproken, je wilt natuurlijk ook iets te snacken voor bij je Paleo warme chocomelk! Probeer dan eens het recept voor Paleo gevulde speculaas uit. Je ziet het ook op de foto bij deze post en het is zo lekker, dat het een schande is als je het alleen voor de decembermaanden bewaart. Geen zin om te bakken? Dan kun je je ook verwennen met een Paleo chocoladeletter van Magic. Laat het heerlijke (letterlijk!) avondje maar komen!

Paleo Sticky Toffee Cake

Paleo Sticky Toffee Cake doet het altijd heel goed op verjaardagen (oké, oké, ik geef toe: ook prima tussen de verjaardagen door!). Deze cake is zo zoet, sticky en kneitervol smaak dat de niet-Paleo-peeps echt niet door hebben dat dit een Paleobaksel is. Ik weet het, dat wordt vaker beweerd, maar het is echt zo! Sticky Toffee Cake wordt gezien als een moderne Britse klassieker. De cake wordt gestoomd en overgoten met een toffeesaus. Het wordt gegeten als een dessert en eigenlijk wordt het Sticky Toffee Pudding genoemd. Het recept verscheen voor het eerst in The Good Food Guide Dinner Party Book, geschreven door Patricia Martin. Zij runde een hotel gedurende de tweede wereldoorlog en had het recept gekregen van twee Canadese officiers. Ik weet niet waar ik het recept oorspronkelijk vandaan heb, maar ik maak het al jaren. Uiteraard moest er een Paleovariant komen! Dus ik ben aan de slag gegaan en na een paar pogingen was hij daar: de perfecte Paleo Sticky Toffee Cake. Zelfs als ik het Paleo-leven terug naar de oertijd zou verwijzen, zou ik dit recept op deze manier blijven maken!

Paleo Sticky Toffee Cake

Paleo Sticky Toffee Cake


Voor de cake:

  • 200 gram dadels
  • 200 ml water
  • 1 tl baksoda
  • 100 gr kokosolie
  • 150 gr palmsuiker
  • 1 tl vanille aroma
  • 2 eieren
  • 120 gr amandelmeel
  • 60 gr chufameel (of kokosmeel)

Voor de toffee:

  • 75 gr palmsuiker
  • 60 ml water

Verwarm de over voor op 175 graden.

Snij 200 gram dadels in kleine stukjes (zoals je aan de foto kunt zien, ben ik het deze keer vergeten… maakt niet uit voor je baksel, maar her en der kleine stukjes is toch lekkerder). Je hoeft geen verse dadels te gebruiken, de gewone voorverpakte dadels zijn prima zolang er geen suiker of andere troep aan toe is gevoegd. Ik hoor je denken: ‘Suiker? Toegevoegd aan dadels? Waarom?!’ Inderdaad, maar ze doen het…  Doe ze in een klein pannetje en giet er 200 ml water bij. Breng het geheel aan de kook en laat het 5 minuten doorpruttelen. Haal de pan van het vuur en roer er 1 theelepel baksoda door. Geen zorgen als het gaat bruisen, dat hoort zo! Laat het iets afkoelen.

Mix 100 gram gesmolten kokosolie met 150 gram palmsuiker en 1 tl vanille aroma. Klop er vervolgens twee eieren door. Voeg dan het meel toe. Na hevig experimenteren kwam ik uit op een mengsel van 120 gram amandelmeel en 60 gram chufameel. De chufa kun je ook vervangen door kokosmeel (was ook één van de experimenten), maar persoonlijk vind ik de cake het lekkerst met amandel en chufa.

Nadat je alles goed door elkaar hebt geroerd, voeg je de dadels toe. Het hele beslag doe je over in een cakeblik. Ik frommel er meestal eerst bakpapier in (het past altijd net niet lekker, vandaar het frommelen). Op de één of andere manier heeft ‘invetten’ bij mij nooit het gewenste resultaat: de halve cake blijft alsnog in het blik zitten. Daarom ben ik overgestapt op bakpapier, veel gemakkelijker. Je tilt de cake er zo uit! Zet de cake voor 40 minuutjes in de oven.

De laatste 10 minuten van de baktijd gebruik je om de toffeesaus te maken. Je lost 75 gr palmsuiker op in 60 ml water. Breng het aan de kook en laat het 5 minuten belletjes blazen. Het lijkt of het gaat verbranden, maar dat valt wel mee, pas wel op: het wordt ongelofelijk heet! Gegarandeerd blaren als je het op je vingers krijgt.

Je zult zien dat de cake al vrij donker is na 40 minuten. Dat is bij deze juist lekker. Een goede Paleo Sticky Toffee Cake is een beetje afgefikt! Haal de cake uit de oven en prik er met een satéprikker allemaal gaatjes in. Giet vervolgens de toffeesaus over de cake (daar zijn die gaatjes voor, dan trekt de toffee helemaal door je cake heen, yum!) en zet de cake nog 10 minuten in de oven.

Laat de cake iets afkoelen en snij hem dan in plakken. Warm heel erg lekker, en, als je het redt: koud ook zalig én als je dan nog over hebt (oh die beheersing! ;) de cake kan prima ingevroren worden.

Kaneelappeltjes uit de oven

Op zoek naar een lunchgerechtje waar je lekker warm van wordt? Probeer eens kaneelappeltjes uit de oven te maken. Je hebt ze in een handomdraai gemaakt en het is eigenlijk meer snoepen dan lunchen wat je doet! Ik heb ze deze winter al vaak gegeten, maar dat is ook vooral omdat ik het recept steeds wat moest aanpassen totdat het eindelijk was wat ik in mijn hoofd had: een mix van appelcrumble en een appelflap. Vraag me niet hoe ik erbij kwam om daar een combi van te maken, maar toen ik het gerechtje gemaakt had, was het eigenlijk erg lekker. Lekker genoeg om door te experimenteren totdat het precies was wat ik had bedacht. Heel vervelend dat het vele pogingen heeft geduurd om tot dit resultaat te komen……. :)

palejo paleo recept kaneelappeltjes uit de oven

Kaneelappeltjes uit de oven


  • 1 appel
  • 3 eetlepels rozijnen
  • 1 theelepel kaneel
  • 20 gram kastanjemeel
  • 30 gram amandelmeel
  • 2 eetlepels honing
  • 1 eetlepel water
Klik op het ingrediënt om te zien welke ik gebruik

Verwarm de oven voor op 185 graden.

Schil een appel, haal het klokhuis eruit en snij hem in kleine blokjes. Elke zoete appel is goed. Ik gebruik meestal een Braeburn of een Jazz. Doe de blokjes in een klein ovenschaaltje en schep er 3 eetlepels rozijntjes door. Let op, rozijntjes lijken onschuldig, maar zijn vaak boefjes! Lees hier welke rozijntjes Paleoproof zijn.

Schep door het appel- en rozijnenmengsel een half theelepeltje kaneel en de basis is klaar.

Meng in een aparte kom 20 gram kastanjemeel, 30 gram amandelmeel, 2 eetlepels honing en een halve theelepel kaneel. Voeg eventueel wat water toe (maximaal een eetlepel) om het deeg wat smeuïger te maken. Verdeel het deeg over de appeltjes. Je zult niet genoeg hebben om het hele schaaltje te bedekken, maar dat is niet erg.

Zet het schaaltje 20 minuten in de oven. Ovenwantjes aan, schaaltje eruit en smullen maar!

Espresso brownies

Espresso brownies, moet ik daar eigenlijk nog iets over zeggen? Deze moet je gewoon maken, nu! Nou, oké omdat ik het niet laten kan, toch een uitlegje: deze brownies hebben mijn Paleo-leven gered. Ik denk dat ik drie maanden bezig was en smachtte naar ‘fatsoenlijk’ eten Jolanda-style (lees: iets heel onfatsoenlijks, want Paleo-eten is natuurlijk fatsoen op en top en daar was ik zó klaar mee!). Ik had al heel veel ‘lekkere’ recepten uitgeprobeerd, maar het was het allemaal net niet, flauw of gewoon ronduit smerig. Dit recept zag er echter (ook) veelbelovend uit, dus meteen gemaakt en ze zijn me daar toch een partij lekker!! Eindelijk kon ik weer een superlekkere brownie eten en daar hoefde ik niet eens voor te zondigen. Wauw! Het is nu zelfs mijn basis brownie recept. Nog sterker: zelfs de niet Paleo-ers in mijn omgeving beweren dat ze deze espresso brownies de lekkerste brownies ooit vinden. Als het ooit zou gebeuren dat ik stop met Paleo, dan blijft dit recept op zeker favoriet!

palejo paleo recept espresso brownies

Espresso brownies


  • 375 gram chocolade
  • 112,5 gram kokosolie
  • 3 theelepels espresso poeder
  • 8 eieren
  • 500 gram palmsuiker
  • 2 eetlepels vanille extract
  • 0,5 theelepel zout
  • 100 gram amandelmeel
  • 4 eetlepels kokosmeel

Verwarm de oven voor op 180 graden.

Pak een flinke pan, je  kunt namelijk alle ingrediënten daarin mengen dus dat scheelt een berg aan afwas als je pan meteen groot genoeg is! Zet hem op het laagste vuurtje en voeg de chocolade toe. Ik gebruik de extra puur van Verkade (75%, de Paleo-regel is dat je chocolade van minimaal 70% gebruikt) en dan heb je 5 repen van elk 75 gram nodig. Laat de chocolade smelten. Als het eenmaal gesmolten is, voeg je de kokosolie toe. Roer het door de chocolade heen tot de olie volledig is opgenomen. Voeg 3 theelepels espresso poeder toe. Ik gebruik altijd de espresso van Nescafé en dan staan die drie theelepeltjes gelijk aan 1 stick. Roer de koffie door het chocolademengsel en haal de pan van het vuur. Voeg de acht eitjes toe. De meeste recepten willen dat je ze één voor één doet en steeds tussendoor roert. Dat hoeft hier gelukkig niet, alle eitjes mag je zo in één keer bij het mengsel kieperen. Goed roeren, door de warmte begint het ei al wat te stollen en wordt je mengsel heel dik. Dat is niet erg, gewoon lekker door blijven roeren. Voeg vervolgens de palmsuiker, de vanille extract, het zout, de amandelmeel en de kokosmeel toe. Roer alles heel goed door elkaar.

Ik verdeel het beslag altijd over twee rechthoekige bakvormen (elk ongeveer 15 bij 25 cm) en zet ze gedurende 33 minuten in de oven. Ik weet het 33….een stomme baktijd…. Ik heb voor dit recept al vele baktijden geprobeerd, maar ben uiteindelijk hierop uitgekomen. 33 minuten in de oven levert de perfecte balans tussen krokant aan de buitenkant en smeuïg aan de binnenkant op wat mij betreft. Laat de espresso brownies vervolgens een uurtje afkoelen en snijd je baksel dan in stukken. Ik hou van stevige stukken, dus ik haal er zo een stuk of 20 uit. Warm zijn ze lekker, afgekoeld zalig én je kunt ze prima invriezen en op een later moment eten. Ik hou altijd een voorraadje in de diepvries, in mijn ergste ‘Ik MOET NU chocolade’-bui kan ik dan zonder al te veel moeite mijn chocolade-fix regelen (alleen dat ontdooien duurt altijd zo lang :).

Dit goddelijke recept heb ik helaas niet zelf bedacht (I wish) maar gevonden op de website van Elana Amsterdam. Zij heeft echt fantastische recepten, waaronder dus deze espresso brownies (zij noemt ze espresso fudge brownies). Het leuke van Elana is dat ze altijd met heel weinig ingrediënten werkt (sommige andere bakkers hebben altijd een hele waslijst aan ingrediënten, dan heb ik al geen zin meer om er aan te beginnen) en met weinig materialen, dus de berg afwas wordt ook aanzienlijk beperkt. Erg prettig!

En nou hou ik op met kletsen: hop die keuken in en bakken!

Paleo gevulde speculaas

Oh jongens, wat ik nu toch voor jullie heb: Paleo gevulde speculaas! Ja, echt! Toen ik Marinka van Eet Paleo vroeg of ik haar recept mocht gebruiken, heb ik haar mijn Sinterklaas-Life-Saver genoemd. En dat is echt zo! Ik weet nog zo goed hoe moeilijk het vorig jaar was om tijdens mijn eerste Sinterklaas sinds de start van mijn Paleo-tijdperk van al dat lekkers af te blijven. Alternatieven had ik nog niet, dus het was heel sneu, Heel Erg Sneu… Maar dit jaar niet! Eerder blogde ik al over echte Paleo-chocoladeletters en een week of wat geleden vond ik dit recept voor Paleo gevulde speculaas. Ik zit deze Sinterklaas gebeiteld!

palejo-recept-paleo-gevulde-speculaas

Paleo gevulde speculaas


Voor de spijs

  • 200 gram amandelmeel
  • snufje zout
  • 140 gram honing
  • 1 ei
  • 2 theelepels citroensap

Voor de speculaas

  • 200 gram amandelmeel
  • 150 gram kastanjemeel
  • 75 gram arrowroot
  • 150 gram kokosbloesemsuiker
  • 20 gram speculaaskruiden
  • snufje zout
  • 110 gram kokosolie in vaste vorm (of 120 ml in vloeibare vorm)
  • 55 gram kokosmelk (of 60 ml)
  • 2 eieren

Verwarm de oven vast voor op 160 graden.

Doe de amandelmeel voor de spijs in een kom. Het is het mooist als je amandelmeel gebruikt dat gemalen is van gepelde witte amandelen, anders krijg je allemaal spikkeltjes in je spijs. Doe de rest van de ingrediënten voor de spijs erbij en meng het heel goed (ik gebruik meestal een vork, lekker prakken!). Wees niet te scheutig met de citroensap, want die smaak overheerst makkelijk. Liever iets te weinig dan te veel gebruiken. Het enige verschil met normale amandelspijs is dat je honing gebruikt in plaats van suiker. Officieel moet de spijs, als een rolletje in folie, een paar dagen in de koelkast rusten, maar dat is bij dit recept niet nodig. Even in de koelkast totdat je het zo meteen nodig hebt, werkt prima.

In een andere kom meng je de droge bestanddelen voor de speculaas door elkaar. Arrowroot, oftewel pijlpuntwortel, is een wit poederachtig spulletje dat gebruikt kan worden als bindmiddel. Ik koop altijd online die van TerraSana, maar in de supermarkt is het ook te krijgen, dan meestal van het merk Smaakt. Vervolgens voeg je de natte bestanddelen toe. Ik heb de kokosolie en de kokosmelk zowel in grammen als in ml weergegeven. Ik vind grammen over het algemeen makkelijker en het scheelt ook afwas (ik zet de kom gewoon op de weegschaal en doe alles er achter elkaar in, direct uit de verpakking en tussentijds zet ik de weegschaal dan steeds op 0). Meer afwas is op zich natuurlijk niet erg, maar daar ben ik veel te lui voor :). Alles heel goed mengen, je zult ziet dat het een mooie homogene massa wordt als je maar even stug door blijft kneden.

Bedek een schaal met een inhoud van minimaal 1 liter (mijn schaal meet ongeveer 16 bij 26 cm) met bakpapier. Als je schaal kleiner is, wordt je speculaas hoger en als je schaal groter is, wordt hij platter. Maakt op zich niet uit natuurlijk, maar hou er rekening mee dat je baktijd dan anders is en dat je, bij een grotere schaal, misschien moeite hebt om alles mooi te bedekken (dat had ik de laatste keer dat ik het maakte, mijn kleine schaal was vies en zoals gezegd: als ik niet per se aan de afwas hoef, zal ik het ook echt niet doen, maar een gekledder dat het was om ook het bovenste laagje dekkend te krijgen!).

Verdeel de speculaas in twee gelijke delen (da’s belangrijk anders krijg je ongelijke laagjes, zoals bij mij op de foto te zien is, ik had net even te veel haast om alles supernetjes te doen…). Doe het ene deel in de schaal en bedek er de hele bodem mee. Ik doe als trucje een laag bakpapier eroverheen en druk het dan voorzichtig aan. Vervolgens verdeel je alle spijs erover (als je de truc met het bakpapier herhaalt, druk dan niet te hard, anders duw je de spijs in de onderste laag). Tot slot verdeel je de rest van de speculaas eroverheen.

Zet de Paleo gevulde speculaas voor 40 minuten in de oven. Vreemd genoeg wordt het bij mij niet elke keer even gaar, ook al kies ik iedere keer voor 160 graden, maar ik heb gemerkt dat dit voor de smaak niet zo veel uitmaakt, het is zelfs juist wel lekker, want het is dan extra smeuïg. Uiteraard kun je het daarna meteen warm opeten, maar persoonlijk vind ik het koud lekkerder en ik vind het zelfs het lekkerst uit de diepvries. Op de één of andere manier lijken de laagjes dan meer een eenheid te vormen (ik weet het, vaag gewauwel, maar ik kan het niet beter uitleggen). Dus ik bak het, laat het afkoelen, snij het in vierkantjes en vries het per stuk in. Op het moment dat ik dan zin in gevulde speculaas heb (momenteel zo ongeveer elke dag :), trek ik een zakje uit de diepvries, en wie zoet de minuten aftelt tot het is ontdooit…, krijgt iets ongelofelijk lekkers!!!!

Ik heb wat kleine wijzigingen in het oorspronkelijke recept gemaakt (meer honing en een snufje zout in de spijs), maar verder heb ik het gelijk gehouden. Je vindt het oorspronkelijke recept voor Paleo gevulde speculaas op Eet Paleo. Ik vind het echt geweldig dat Marinka dit recept heeft ontwikkeld, want mijn Sinterklaas is met dit recept weer op het oude smulniveau. Moge zij maar veel cadeautjes in d’r schoen krijgen!

Trouwens, wat past er beter bij gevulde speculaas dan een beker Paleo warme chocolademelk. Nog niet genoeg van al die Sinterklaasheerlijkheden? Probeer dan ook eens de Paleo chocoladeletter van Magic.

Paleo snickerdoodles

De Paleo snickerdoodle is een heel lekker kaneelkoekje. Knapperig van buiten en zacht van binnen en in een oogwenk gemaakt! De herkomst van het koekje is niet helemaal duidelijk. Waarschijnlijk is ‘ie bedacht in Amerika door Duitse immigranten. Waar de naam vandaan komt, is ook niet helemaal duidelijk. Het zou een verbastering kunnen zijn van het Duitse Schneckennudel (kaneelbroodje), maar het zou ook uit het Engels kunnen komen, want het was een tijd ‘in’ om koekjes onzinnamen te geven. Hoe dan ook, het heeft niets te maken met de bekende chocoladereep, ook niet qua smaak, maar ik vind het in ieder geval een onwijs geinig woord. Het recept kan variëren, maar wat alle snickerdoodles gemeen hebben is dat ze, voordat ze de oven in gaan, door een mengsel van suiker en kaneel worden gerold. Het oorspronkelijke recept bevat uiteraard allemaal Paleo-no-no’s, maar deze variant is helemaal Pale-Oké. Kortom, ik presenteer: Paleo snickerdoodles!

Paleo palejo recept snickerdoodles

Paleo snickerdoodles


  • 250 gram amandelmeel
  • 120 gram + 6 eetlepels palmsuiker
  • 2,5 theelepel kaneel
  • 1 theelepel baksoda
  • halve theelepel zout
  • 1 losgeklopt ei
  • halve theelepel vanille-extract
  • 100 gram gesmolten kokosolie

Verwarm de oven voor op 180 graden.

Mix 6 eetlepels palmsuiker met 1,5 theelepel kaneel in een kommetje en zet het even apart.

Mix de amandelmeel, 120 gram palmsuiker, 1 theelepel kaneel, de baksoda en het zout goed door elkaar. Klop een ei los en meng dit door de droge bestanddelen. Voeg het vanille-extract en 100 gram gesmolten kokosolie toe. Goed mengen. Draai balletjes van het deeg (ongeveer 2 centimeter in doorsnede) en haal elk balletje door het suiker/kaneel-mengsel. Leg de balletjes op bakpapier en hou daarbij minimaal 4 centimeter tussen elk balletje vrij want de balletjes gaan ‘lopen’ en worden zo koekjes van ongeveer 6 centimeter doorsnede.

10 minuutjes in de oven en ze zijn al klaar! Het moeilijkste komt echter nog: er af kunnen blijven tot ze afgekoeld zijn :)

Je kunt ze heel goed in een afgesloten doosje een paar dagen bewaren (als je dat al redt), je kunt ze zelfs invriezen, dat is nog eens handig, zo heb je altijd koekjes op voorraad! Dit recept heb ik al heel lang, al vanaf het begin van mijn Paleo-tijdperk en ik heb werkelijk geen idee meer waar ik het vandaan heb. Ik heb zelfs gegoogled en kwam er zo achter dat er niet alleen van het oorspronkelijke recept veel varianten bestaan, ook de Paleo snickerdoodle versie kent inmiddels vele varianten. Ik heb echter niet het oorspronkelijke recept waar ik vanuit ben gegaan kunnen achterhalen. Mocht je het recept herkennen, laat het me dan weten, dan zorg ik alsnog voor een correcte bronvermelding. En nu genoeg geneuzeld, stoppen met lezen en lekker gaan bakken dat koekje!

Zoete kip uit de oven

In het kader van smikkelen en smullen heb ik hier weer een toppertje: zoete kip uit de oven. Het heeft wel iets weg van nuggets, maar dan heel zoet. Je glazuur knalt bijna van je tanden af, maar het is lekker, joh! Het is een gerechtje wat vooral kinderen heerlijk vinden (maar waar de grote mensen stiekem het meest van snoepen… :) en wat ze ook heel leuk zullen vinden om bij te helpen omdat je er lekker vies van wordt. Huh? Vies? Ja, lekker vies!

palejo paleo recept zoete kip uit de oven

Zoete kip uit de oven


voor de kip

  • 450 gram kipfilet
  • 50 gram tapioca
  • 2 eieren
  • 225 gram amandelmeel
  • halve theelepel zout
  • kwart theelepel peper

voor de saus

  • 200 gram honing (voel je je glazuur al omkrullen?)
  • 80 ml Coconut Aminos
  • halve theelepel knoflook

Klik op het ingrediënt om te zien welke ik gebruik


Verwarm de oven voor op 220 graden en snij in de tussentijd de kip in blokjes van ongeveer 2 bij 3 cm. Doe de eitjes in een schaaltje en klop ze goed los. Doe de tapioca in een tweede schaaltje en de amandelmeel in een derde schaaltje. Mix de peper en zout door de amandelmeel.

En nu komt het gekledder voor gevorderden: haal de kip eerst door de tapioca, dan door het ei en vervolgens door de amandelmeel. De manier om niet helemaal onder de troep te komen te zitten is door de kipstukjes één voor één door de schaaltjes te halen (geloof me, het stelt je geduld op de proef, maar het wordt echt, echt minder rommelig zo. De eerste keer dacht ik: ‘wat maakt het nou uit of je alles in één keer in het bakje flikkert?’ Nou, de amandelmeel-tapioca-eidrek zat ongeveer tot aan mijn oksels, zo erg maakt het uit!). Wat ook helpt is als je één hand reserveert voor de tapioca en de amandelmeel en één hand voor het eigeel. Heb je allemaal geen zin in dit getut: ‘dive in’ zou ik zeggen en stuur me alsjeblieft de foto’s van jezelf als je klaar bent :).

Leg de stukjes kip niet op een hoopje maar naast elkaar op een bakrooster dat je hebt afgedekt met een vel bakpapier. Zet de kip voor ongeveer 25 minuten in het midden van de oven. Halverwege draai je ze allemaal even om, dan worden ze aan alle kanten mooi bruin en knapperig.

Terwijl de kip z’n ding doet, ga je de saus maken. Doe de Coconut Aminos, de honing en de knoflook in een pannetje en laat het al roerend goed warm worden.

Na de 25 minuten oventijd haal je het bakrooster eruit en giet je de saus over de kipstukjes. Zorg dat je elk stukje van saus hebt voorzien, want zonder saus worden ze zo droog als klaphout. Doe de kip met de saus nog drie minuten in de oven. En tadaa! Zoete kip uit de oven: laat het smikkelen en smullen maar beginnen!

Door het amandellaagje en de honing vult dit gerecht enorm, je kunt er, als je er bijvoorbeeld rucola bij serveert, makkelijk met z’n viertjes van eten. Wat ook lekker is, is een deel van de kip bewaren en de dag erna als lunch te eten. Koud zijn ze ook heerlijk!

Het oorspronkelijke recept is overigens bedacht door Kristen, een receptontwikkelaar, voedselfotograaf en blogger uit Vancouver. Ik heb het recept niet één op één overgenomen simpelweg omdat ik de hete saus die zij gebruikt niet heb. In plaats daarvan heb ik Coconut Aminos gebruikt. De yoghurtdip (niet-Paleo!) heb ik ook achterwege gelaten.

Neem eens een kijkje op The Endless Meal, daar besteedt Kristen af en toe aandacht aan Paleo-recepten (dus let op, niet alles wat je op haar blog vindt, is geschikt), maar wat misschien nog wel leuker is: ze geeft tips voor als je zelf een foodblog hebt, met name op het gebied van voedselfotografie. Leuk om te lezen!